Ga naar de inhoud
Let op: Om het voor u gemakkelijk te maken, gebruikt deze website cookies. Akkoord Niet oké.
Chani start

Dit verhaal was bijna geëindigd voor het begon. Hoezo? Toen ik solliciteerde, bleek de job die ik zo begeerde, al ingevuld. Deur dicht, boeken toe, dus. En opnieuw vacatures afschuimen en brieven schrijven. Toch zit ik hier maar mooi aan mijn bureau, in het ‘rode kantoor’ van Schrijf.be. Hoe dat komt? Tja, daarvoor moet ik terug in de tijd.

Voorjaar: pfff

Ik werk als eindredacteur bij een krant. Als linguïst met extra diploma journalistiek lijkt deze job the perfect match … Toch blijf ik wat op mijn honger zitten. Want ik wil zélf schrijven. Dat mag soms: een interview hier, een reisreportage daar. Ik leef op als ik mijn woorden zwart-op-wit gedrukt zie staan. Maar helaas: de krant heeft schrijvers genoeg en redacteurs te kort.

Dolle honden

Maar het blijft kriebelen om over het muurtje te kijken. Want hangt aan een tekst een commercieel luchtje? Dan haalt een journalist zijn neus op. En laat dat nu net mijn ding zijn. Ronkende slogans. Webteksten die van het scherm spatten. Het ultieme argument uitspelen. Meezingen met de radio? Dat doe ik tijdens de reclameblokken.
Een carrièreswitch dus. Maar het lijkt wel alsof mijn concurrenten als een horde dolle honden staan te trappelen om dezelfde jobs. Dus sleept de zoektocht zich moeizaam voort.

Mei: weer niets?

Bijna geef ik het op. Tot ik de Schrijf.be-vacature onder ogen krijg. “Een boterham”, staat erboven. Zeg dat wel, ja. Gelukkig lust ik graag boterhammen. En hoe meer ik op deze vacature kauw, hoe lekkerder ze wordt. Mijn creativiteit botvieren op tal van teksttypes, van elegante e-mails tot bruisende brochures? Check! Autonomie en self-empowerment? Dubbelcheck.

Dit is mijn ding. Dus ‘verkoop’ ik mezelf aan zaakvoerder Wim, zoals hij vraagt. En zowaar, mijn verkoopspraatje slaat aan: ik mag een schrijftest doen. In enkele dagen worstel ik me door zowat de hele Schrijf.be-website (perfectionistisch, moi?), onderwerp ik mijn tekst aan talloze schrijftips en de 10 Schrijfdokter-tests, en stuur ik hem met bonzend hart door.

Even later antwoordt Wim:

“Goed en slecht nieuws, Chani. 

Ik koos gisterenmorgen, een uur voor je mailtje, de nieuwe copywriter. Waarom? Omdat ik jou afgeschreven had. Als ‘sollicitatieklant’ had ik minstens een kort statusantwoordje verwacht op mijn laatste mail met de opdracht. Een mailtje of een belletje met: ‘Oké, komt in orde.’

Wat ik wel gedaan heb omdat belofte schuld maakt? Je test als kwaliteitsbewaker beoordeeld. En het moet gezegd: ik ben onder de indruk. Je tekst was kort, snedig en ritmisch […]

Ook voor mij is dit dus goed en slecht nieuws, want ik had je zéker uitgenodigd voor een diepgravend gesprek.”

Een luide vloek ontsnapt me. Greep ik nu écht op een haar na naast mijn droomjob?
Maar wacht eens even. Ik had toch wel bevestigd? Murphy, mijn aartsvijand ...

Ik bel Wim op: blijkt mijn mailtje door de mazen van het (inter)net geglipt te zijn. Ook Wim klinkt teleurgesteld. En dan hoor ik zijn magische woorden: “Weet je wat? Kom toch maar eens kennismaken. Want misschien heb ik binnenkort nog wel iemand nodig …”

Juni: joepie!

Zinderend van enthousiasme stap ik het Schrijf.be-kantoor in de Willem Geetsstraat buiten. Want wat ik beschouwde als een vrijblijvend gesprek voor een job, misschien, ooit … blijkt een echte sollicitatie te zijn geweest. Eentje die overigens een goeie drie uur (!) heeft geduurd.

Het is een gesprek waarbij ik voor het eerst het gevoel heb dat er van mens tot mens wordt gecommuniceerd. Waarbij ik niet het standaard promopraatje over mezelf moet aframmelen, maar gewoon eerlijk kan vertellen waar ik goed in ben – en waarin minder goed. Een gesprek waarin Wim ook de moeite neemt om uit te leggen hoe het er hier aan toegaat, bij Schrijf.be. En vraagt of ik me in zijn manier van werken kan vinden. Een gesprek waarin we langs twee kanten peilen of dit een match is (spoiler: ja, dus!). En met op het einde die verlossende vraag waarop ik zo lang gewacht heb: “Wanneer wil je beginnen?”

September: bibber

Eindelijk is het zover. Na nauwelijks een oog dichtgedaan te hebben van de zenuwen, stap ik het Schrijf.be-kantoor binnen. De eerste weken vliegen voorbij als een wervelwind. Zelf mijn offertes opstellen, leren werken met klanten, opdrachten ‘klokken’ in Caramba – de eigen supersoftware van Schrijf.be – mijn hoofd duizelt ervan.

Gelukkig is hier voor zowat alles een handleiding: van de printer tot van Wim zelf. Hier wordt duidelijk niets aan het lot overgelaten. Ook ik niet. Moeilijke opdracht? Dan staat mijn ‘peter’ Maarten me met raad en daad bij.

Spreekbeurt in je eentje

Is een tekst af? Dan is het tijd voor de ultieme Schrijfdokter-test: hardop lezen. Iets wat ik niet meer deed sinds ik spreekbeurten voor de spiegel oefende in de lagere school.
Bij Schrijf.be gelukkig geen spiegels, wel een kantoor waar je zo luid mag declameren als je wilt. En ja hoor, het wérkt: rare kronkels of herhalingen knip ik zo uit mijn teksten. Waarna ‘kwal’ – kwaliteitsbewaker Wim – alles nog eens checkt op overtuigingskracht, stijl en vorm. Prikken doet deze Kwal gelukkig zelden, tenzij … ik faal voor de kanscan of de egotest. Anders zoeft mijn tekst naar de eindredacteur, die speurt naar spel- en grammaticafouten en waakt over de uniformiteit.

Roze wolk

Want ja, bij Schrijf.be werken we met een drietrapscontrole. Alle goede dingen bestaan uit drie, toch? Van de opbouwende kritiek van kwal en eind leer ik elke dag bij. Het resultaat? Steeds betere teksten en nog meer tevreden klanten. Voor hen doe ik het tenslotte - en voor de bende topcollega’s natuurlijk.

Want loopt de klok? Dan wordt hier ijverig – en in stilte – gezwoegd. Die teksten schrijven zichzelf niet, natuurlijk. Maar tijdens de pauze vliegen de woordmopjes je rond de oren. Valt er iets te vieren? Dan ontkurkt Wim de cava … en gaan alle remmen los.

Op een roze wolk drijf ik nu elke dag naar het werk. Dat ik na dat mailtje met ‘goed en slecht nieuws’ de moed niét heb laten zakken? Daarvoor ben ik mezelf nog elke dag dankbaar!