Geplaatst op 29 januari 2010 door Marcel
- Absoluut*, ik raad iedereen de schrijf.beters (vooral deze, dat is namelijk de 50ste) ten sterkste heel sterk aan.
Weg met dat verouderd gedoe. Ik krijg er bibberminnekes van! Laat de spreektaal hier regeren. En geef toe: NIEMAND zegt ooit ‘ten sterkste’. Dus …
- ‘s Morgens een leuke winterwandeling, onder de middag tussen de middag of onder de middagpauze of in de middagpauze een dutje, ‘s avonds lekker lui deze 50ste schrijf.beter bekijken: het leven is mooi.
‘t Is maar dat je het weet hoe je die rustperiode moet noemen. Anders nemen ze je die misschien ooit nog af!
- Maar … ik hoop dat ik volgende week niet zwaar gekwetst geblesseerd raak, want dan kan ik de 51ste schrijf.beter niet meer samenstellen.
Gekwetst ben je vanbinnen. In je hart bijvoorbeeld, maar dan wel figuurlijk. Als jouw favoriet de finale van de Slimste Mens niet wint. Geblesseerd ben je als je een Witselke of een Blondelletje ondergaat: een ruige tackle met ‘het plat van de voet vooruit’. Ten slotte: als je met je auto botst, kun je lelijk gewond raken.
- De 52ste schrijf.beter wordt er misschien eentje voor gedesoriënteerde taalfanaten, mensen met Alzheimer alzheimer.
Als ik mijn leesbril voor de zoveelste keer niet vind, denk ik zelf wel eens dat ik aan de ziekte van Alzheimer lijd. Mijn omgeving vindt trouwens al een hele tijd dat ik periodisch verschijnselen van alzheimer vertoon.
- Zulke Zo’n dienstverlening, als die van schrijf.be met o.a. zijn 50 schrijf.beters, krijg je nergens.
Zulke moet je altijd laten volgen door een meervoudig substantief. Logisch zo’n is natuurlijk een afkorting van zo een. Dat kun je dus nooit voor een meervoudig zelfstandig naamwoord zetten, ook niet in bijv. zo een tegenslagen …
* Voor wie het nog niet heeft opgemerkt: we zijn aan de vijftigste editie van onze schrijf.beterreeks gekomen. En we dachten alle gekheid even op een taalstokje te mogen zetten. Daarna hebben we er een pintje op gedronken! Op naar de honderd
Schrijf.beter | Print
| Geef commentaar | 2 reacties
Permalink: http://www.schrijf.be/blog/schrijf-beter-050/

Geplaatst op 28 januari 2010 door Ann
Als copywriter moet je over een behoorlijke woordenschat beschikken. Een tekst heeft nood aan wat variatie. Schrijf je bijvoorbeeld iets voor een werkgever? Dan heb je het nu eens over zijn werknemers, dan weer over zijn medewerkers, en dan nog een keertje over zijn mensen, team of ploeg. Gebruik je toch twee keer na elkaar hetzelfde woord? Dan markeert Wim of Marcel dat streng knalgeel in je tekst. En moet je op zoek naar een synoniem.
Word in de war
Maar soms is de inspiratie op. En klik ik met de rechtermuisknop in Word. Even naar beneden met de cursor, en daar staat de reddende functie: ‘synoniemen’. Nu ja, soms reddend. Even vaak geeft hij wel héél bijzondere suggesties. De mooiste misstap van Word? Toen ik voor de tigste keer ‘mengen’ in een recept had geschreven. En Word me voorstelde om het te vervangen door ’mixen’. Tot daar aan toe. Maar de andere suggesties? Husselen, mêleren, betrekken, bemoeien, inlaten.
Bemoeizieke wijn
Ik heb het voor de aardigheid eens geprobeerd. En dan krijgt u dit: hussel de groenten en de aardappelen. Mêleer er wat zout en peper door. Betrek er de rozemarijn bij, en laat de witte wijn zich ermee bemoeien. Tot slot laten de scampi’s zich hiermee in. Smakelijk!
Tenenkrullers | Print
| Geef commentaar | 5 reacties
Permalink: http://www.schrijf.be/blog/straffe-synoniemen/

Geplaatst op 27 januari 2010 door Charlotte
Twee maanden geleden hield onze eindredacteur Marcel een warm pleidooi voor het gebruik van tussentaal in informele omstandigheden. “Mag ik in mijn eigen gezin, met mijn eigen buren, met mijn eigen vrienden dan geen leuke elementen uit mijn dialect meenemen in mijn dagelijkse omgangstaal?” schreef hij.
Tussentaal
Helemaal mee eens! Ik vind het heel jammer dat ik zelf geen dialect spreek. Ik luister graag naar dialecten die ik mooi vind, zoals het melodieuze en zachte West-Vlaams. Maar ik worstel met die lelijke uitdrukkingen die volgens mij niets met dialect te maken hebben. Eerder met een gebrek aan kennis van de standaardtaal. Een verfoeilijke tussentaal: omdat de sprekers dénken dat ze standaardtaal spreken.
Standaardtaal
Mijn man spreekt ook al geen dialect, dus voor ons zit er niets anders op dan thuis de standaardtaal te promoten. We verbeteren onze kinderen en zelfs elkaar (lees: ik hem, een ergerlijk trekje). Sommige fouten krijgen we maar moeilijk uitgeroeid. Het hemeltergende ‘noemen’ in de betekenis van ‘heten’, brr. ‘Wij zijn gewonnen’, in plaats van ‘wij hebben gewonnen’. ‘Het is aan u’ (sic), in plaats van ‘het is jouw beurt’ of het simpele ‘jij bent’.
Welk uur is het?
De allerergste vind ik nog altijd ‘welk uur is het?’ Of nog een graadje erger: ‘Wat uur is het?’ De juf van onze dorpsschool zag er geen graten in en vertelde mijn dochter zelfs dat ze ‘allebei goed zijn’. Help! Dus als ze aan mij vragen welk uur het is, dan antwoord ik steevast: het uur van de waarheid.
Tenenkrullers | Print
| Geef commentaar | 2 reacties
Permalink: http://www.schrijf.be/blog/uur-van-de-waarheid/

Geplaatst op 26 januari 2010 door Wim
Ik typ deze blogbijdrage op een toetsenbord uit 1873.
1873?! Yep, want toen schikte de schrijfmachine-uitvinder de letters in het qwerty-patroon (of de Frans-Belgische azerty-afgeleide). Zijn bedoeling? De snelheid van de typist vertragen, opdat de typhamertjes niet in elkaar zouden haken …
Wie eerst komt, eerst maalt
Hoe onvriendelijk qwerty ook is, het overleeft al haast anderhalve eeuw. De concurrenten die ooit een andere toetsenschikking probeerden door te drukken, haalden allemaal bakzeil. Want een bedreven qwerty-typist schakelt niet graag over. En dat is eigenlijk jammer. Want met de rij waarop zijn vingers rusten, typt hij maar een derde van de letters – de helft zit zelfs op de bovenrij.
Bovendien belast qwerty zijn (meestal) sterke rechterhand minder dan zijn linkse.
Ergonomie!
De hopeloze qwerty-ergonomie was August Dvorak een doorn in het oog. Hij zocht jaren naar de meest uitgebalanceerde toetsenschikking. Zijn recept:
- Plaats de (in het Engels) meest voorkomende letters op de middelste toetsenrij – waarop de vingers rusten. Dan typt u ruim tweederde van uw tekst zonder uw vingers te verplaatsen!
- Zet links de klinkers op een rijtje, zodat u afwisselend beide handen gebruikt (een techniek die een Belg als eerste toepaste).
- Zorg ervoor dat de vingers evenredig belast worden volgens hun kracht – van wijsvinger naar pink.

The need for speed
In 1932 liet Dvorak standaard-schrijfmachines ombouwen met ‘zijn’ toetsenbord. Zoals dit zeldzame exemplaar dat ik pas in Amerika kocht. Bemerk de bizarre cijferrangschikking, die Dvorak, even later, gelukkig liet varen.
De professor trok met een team getrainde ‘Dvorak’-typisten naar de immens populaire typsnelheidswedstrijden. Ze veegden er de vloer aan met hun qwerty-collega’s. Enkele jaren later werden ze zelfs ei zo na uit de competitie verbannen wegens ‘oneerlijke concurrentie’! En moest Dvorak veiligheidsagenten inhuren om sabotage van zijn machines te verhinderen.
Kortom: het Dvorak-toetsenbord was een denderend succes! Of toch niet?
Commerciële flop
Toen kwam de kat op de koord. Dvorak moest de zakenwereld overtuigen om én nieuwe schrijfmachines te kopen, én al hun typisten om te scholen. En dat bleek een brug te ver. Zijn vereenvoudigde toetsenbord stierf na vele jaren lobbying een stille dood. En August Dvorak zelf? Die overleed als een verbitterd man. Niet vermoedend dat er jaren later wereldwijd Dvorak-fanclubs uit de grond zouden rijzen.
Want sinds de opkomst van de computer wint Dvorak weer aan populariteit. Die ‘schrijfmachine’ schakelt wél probleemloos over naar de vereenvoudige toetsenbordindeling. En een Dvorak-toetsenbord kóópt of maakt u ook in een handomdraai.
Meer Schrijfmachine-wetenswaardigheden? Miss Schrijfmachine!
Schrijfmachines | Print
| Geef commentaar |
Permalink: http://www.schrijf.be/blog/dvorak-typt-sneller/

Geplaatst op 25 januari 2010 door Kim
Gejuich ten huize Aerts-Beerts. De reden? Het VRT-journaal van zeven uur. Neen, ik val niet in zwijm voor Wim De Vilder – en mijn man ook niet. En neen, ik ben geen Lotto-winnaar geworden. Wat me dan wel de nodige extase bezorgt? Het item over de Henry Van De Velde-awards. Want daarvoor schreef ík een persbericht.
Persbericht hoera!
Eerlijk is eerlijk: mijn persbericht ging niet over de Henry Van De Velde-awards zelf. Wél over de Ecodesign Award Pro – een onderdeel daarvan. Het gejuich stak dan ook exact 1 minuut en 25 seconden na de start van het item op. Want toen kwam deze ecologische designprijs aan bod.
Een seconde later werd mijn gejoel nóg luider. Want toen kwam Tom Suykerbuyk van Fosfor in beeld. Winnaar van de Ecodesign Award Pro … én mijn klant mét mijn persbericht.
Persbericht dat doet doen
Het was uiteraard Toms fantastische Beci Bike Project dat de jury overtuigde. Maar ik hoop stiekem dat het mijn persbericht was dat de VRT-nieuwsdienst over de streep trok.
Het leven zoals het is | Print
| Geef commentaar | 1 reactie
Permalink: http://www.schrijf.be/blog/joepie-journaal/
